Nieuwe circulaire heft eindelijk discriminatie van Belgische grensarbeider met kinderen op!

14-07-2017

In de Belgische fiscale wetgeving neemt de belastingvrije som toe, naarmate men meer kinderen (ten laste) heeft. Ingeval van gehuwden of wettelijke samenwonende partners wordt deze verhoging toegekend aan degene met het hoogste inkomen. Is dit degene met inkomen dat vrijgesteld is van belastingheffing door het werken buiten België, (grensarbeider) dan gaat zo het effectieve voordeel verloren. In een vorig maand gepubliceerde circulaire wordt, vooruitlopend op een aanpassing van de wet na vele jaren van procederen deze strijdigheid met het Europese recht opgelost. We schetsen hierna kort het probleem, gevolg door de (lange) juridische weg die uiteindelijk dan toch geresulteerd heeft in een oplossing voor de grensarbeider. We besluiten met de mogelijkheden en het financieel belang die er nog bestaan ten aanzien van oudere jaren.

Het probleem

Voor inwoners van België is de hoogte van de belastingvrije som hoger naarmate er meer kinderen (ten laste) zijn. Voor gehuwden (of wettelijk samenwonenden) - waarbij in België de inkomstenbelasting wordt geheven door een gemeenschappelijke aanslag - wordt deze verhoging automatisch toegepast bij de partner met het hoogste inkomen. Indien de partner met het hoogste inkomen enkel (buitenlands) vrijgesteld inkomen geniet, gaat het effectieve voordeel daardoor verloren. Van belang daarbij is op te merken dat partners die enkel feitelijk samenwonen, de keuze hebben om de verhoging van de belastingvrije som toe te rekenen aan de partner met het effectief in België belaste inkomen, waardoor zij het voordeel wel kunnen benutten.

De  juridische voorgeschiedenis

De eerste belangwekkende uitspraak op dit vlak betreft deze van het Europees Hof van Justitie (arrest van 12 december 2013, C-303/12) Imfeld en Garcet. Het Hof oordeelde daarin al dat de vrijheid van vestiging zich verzet tegen een belastingregeling die tot gevolg heeft dat partners die zowel in woonstaat als in een andere lidstaat inkomsten verwerven, daadwerkelijk een dergelijk belastingvoordeel verliezen, terwijl dit niet zo zou zijn als de partner met het hoogste inkomsten niet het volledig inkomen uit een andere lidstaat zou verkrijgen.

Het Belgische grondwettelijk Hof[1] oordeelde hierna onder verwijzing naar de uitspraak Imfeld en Garcet dat de regel waardoor toerekening steeds moet geschieden aan de partner met het hoogste belastbare inkomen, het grondwettelijk gewaarborgd gelijkheidsbeginsel schendt.

De Belgische Belastingdienst reageerde hierop met een aantal kort naar elkaar verschenen circulaires in 2014 en 2015[2] maar blokkeerde daarmee feitelijk de uitspraak van het EU-Hof door de (te ver gaande) voorwaarden die zij stelde om voor het effectieve voordeel in aanmerking te komen.

Het hof van Beroep te Antwerpen kwam vervolgens op 22 september 2015[3] wederom tot het oordeel dat er wel recht betstaat op de (vrije toerekening van de) toeslag. Zij stelt dat de uitspraken van de Hoven boven de uitleg in de circulaires gaan. Er is naar haar mening sprake van discriminatie omdat feitelijk samenwonenden wel de toeslag naar keuze kunnen toerekenen. Daarenboven is sprake van discriminatie omdat indien beide partners in België belastbaar zouden zijn voor hun arbeid, zij het voordeel ook konden benutten.

De Belgische Administratie lost de discriminatie dan toch op

Naar aanleiding van Kamervragen gaf de minister van Financiën Johan Van Overtveldt al eerder aan om geen cassatieberoep aan te tekenen tegen voormelde arrest van het Hof van Beroep en een oplossing te zoeken voor de fiscale discriminatie van gehuwde grensarbeiders. In de circulaire[4] die afgelopen maand is gepubliceerd, zijn nu reeds de nodige tegemoetkomingen opgenomen vooruitlopend op de wetswijziging. Deze valt in twee punten samen te vatten.

Belastingberekening voor inkomsten van 2016 al aangepast

Enerzijds wordt een aanpassing in de berekening van de Belgische belasting doorgevoerd. Voor het inkomstenjaar 2016 (aanslagjaar 2017) zal indien er een gemeenschappelijke aanslag wordt gevestigd, de verhoging van de belastingvrije som worden toegepast bij de andere partner – die met het laagste inkomen - als dit voor hen voordeliger is. Aangegeven wordt nog dat het daarbij niet relevant is of de belastingplichtige (grensarbeider) een (fiscaal of ander) voordeel heeft genoten in het werkland.

Ook tegemoetkoming voor oudere jaren mogelijk

Belangrijk is voorts de duidelijkheid over de rechtsmiddelen tegen de oudere jaren. In de circulaire wordt nu bevestigd dat een regulier bezwaarschrift binnen de termijn (in België geldt een bezwaartermijn van 6 maanden) alsook een verzoek tot ambtshalve ontheffing tot de mogelijkheden behoort. De publicatie van de arresten van het Hof van Justitie van de Europese Unie inzake Imfeld en Garcet en van het Grondwettelijk Hof, vormen een nieuw bewijskrachtig feit daartoe. De termijn voor het indienen van een verzoek om ontheffing van ambtswege is langer dan die voor een bezwaarschrift. Men beschikt over 5 jaar te rekenen vanaf 1 januari van het jaar waarin de belasting werd gevestigd.

Wat is het financiële belang voor de grensarbeider?

Gelet op de mogelijkheden om meerdere jaren terug te gaan, kunnen de financiële belangen flink oplopen naarmate er meer kinderen ten laste zijn. Dit moge duidelijk worden aan de hand van de toeslag op de belastingvrije som voor aanslagjaar 2017 (inkomsten 2016).

voor 1 kind ten laste €1.520,-
voor 2 kinderen ten laste €3.900,-
voor 3 kinderen ten laste €8.740,-
voor 4 kinderen ten laste €14.060,-
voor meer dan 4 kinderen ten laste €14.140,-
supplement per kind boven het 4de €5.400,-

Bij 1 kind gaat het om een effectief bedrag van circa 375 euro per jaar. Vanaf 2 kinderen om 1.100 euro per jaar. Vanaf 4 kinderen gaat het zelfs al om (meer dan) 5.000 euro per jaar. Het aantal kinderen ten laste wordt daarbij beoordeeld op de situatie per 1 januari van elk jaar.

 

Hoe meer jaren en kinderen het betreft, hoe meer het loont om actie te (laten) ondernemen.

 

[1] arrest nr. 68/2014 van 24 april 2014
[2] Ci.RH.331/633.468 (AAFisc nr.27/2014) van 01.07.2014 ,Ci.RH.331/634.229 (AAFisc nr. 32/2014) van 11.08.2014 en Ci.RH.331/575.420 (AOIF nr. 8/2008) van 11.09.2015
[3] Arrest van het Hof van Beroep van Antwerpen nr 2013/AR/2818 dd 22 september 2015.
[4] Circulaire 2017/C/31 over de aanrekening van de toeslagen op de belastingvrije som voor gezinslasten van 18 mei 2017.

Terug

Neem contact met ons op
Naam:*
Bedrijfsnaam:
E-mailadres:*
Telefoon:
Opmerkingen:*
Kurt van Heerewaarden
Senior belastingadviseur +31(0)6 415 05 887 +31(0)76 53 03 800